De gietpannen van de failliete ijzergieterij Vulcanus uit Langerak staan sinds kort op het DRU Industriepark in Ulft. De zware pannen werden gebruikt om gesmolten ijzer binnen de fabriek te vervoeren en zijn nu onderdeel van een expositie over de relatie tussen kunst en de Achterhoekse ijzerindustrie.
“De resten die je aan deze gietpannen ziet hangen, dat is het laatste Achterhoekse ijzer dat er ooit gemaakt is. Van al die ijzergieterijen is er geen een meer in bedrijf”, zegt Henny Berendsen van de projectgroep achter de expositie.
Van Langerak naar Ulft
De pannen kwamen vrij nadat Vulcanus eerder dit jaar failliet ging. De stichting Jan Toorop zag tijdens het faillissement mogelijkheden om materialen uit de gieterij naar Ulft te halen. “We kwamen op het idee: dat kunnen nog best eens dingen zijn die wij kunnen gebruiken voor onze expositie”, vertelt Ton Menke van de stichting.
De stichting kreeg de pannen geschonken. Ook enkele spullen uit het laboratorium van Vulcanus kwamen mee naar Ulft. Omdat de gieterij failliet is, houdt de curator toezicht op de spullen die nog in het bedrijf aanwezig zijn. De pannen zouden aanvankelijk alleen tijdens de expositie te zien zijn. Inmiddels wordt bekeken of ze ook daarna op het DRU-terrein kunnen blijven staan. Daarmee krijgen de objecten mogelijk een vaste plek tussen het industriële erfgoed van de voormalige ijzerfabriek.
Kunst uit de ijzerindustrie
De gietpannen staan buiten op het DRU-terrein, terwijl binnen in de theaterzaal de eigenlijke expositie te zien is. Daar zijn werken van industrieel schilder Herman Heijenbrock en kunstenaar Jan Toorop bij elkaar gebracht. “Het is vrijwel een unieke combinatie”, zegt Berendsen. Volgens hem zijn de werken niet eerder op deze manier en op deze plek samen te zien geweest.
Heijenbrock legde als schilder van de arbeid onder meer de ijzerindustrie in de Achterhoek vast. Ook de DRU in Ulft komt in zijn werk terug. Sommige plekken die hij schilderde zijn volgens Berendsen nog altijd herkenbaar op het huidige industriepark. “Je kunt aanwijzen waar welke tekening gemaakt is”, zegt hij.
Veel van de werken waren lange tijd nauwelijks voor het publiek te zien. Een deel was in particulier bezit of lag in een depot. Andere industriële werken hingen vroeger in directiekamers van fabrieken. “Nu hangen ze hier in de fabriek en zijn ze voor iedereen te bezichtigen”, aldus Berendsen.
‘Geschiedenis wordt snel vergeten’
Volgens Menke is het zichtbaar maken van die geschiedenis precies wat de stichting wil bereiken. De Achterhoekse ijzerindustrie heeft volgens hem een grote rol gespeeld in de ontwikkeling van de regio, maar die geschiedenis dreigt steeds verder naar de achtergrond te verdwijnen. “Die geschiedenis wordt heel snel vergeten”, zegt Menke. “We willen laten zien wat hier gebeurd en gemaakt is en wat de ijzerindustrie allemaal teweeg heeft gebracht hier in de Achterhoek.”
Opmaat naar 2028
De expositie is onderdeel van een groter plan rond Jan Toorop. De kunstenaar verbleef vijftien jaar regelmatig op het DRU-terrein en maakte hier verschillende werken. De stichting wil in 2028 uitgebreid stilstaan bij zijn overlijden, honderd jaar eerder. Daarvoor worden de komende jaren verschillende activiteiten georganiseerd. In mei werd al het boek Jan Toorop in Ulft, Vriendschap voor het leven gepresenteerd. Volgend jaar staat een groter evenement gepland als opmaat naar het Tooropjaar in 2028.