Wat begon als een eenmalige promotie voor zijn sportschool is inmiddels uitgegroeid tot meerdere evenementen van formaat. Al 26 jaar zet Paul Rabelink zich met ziel en zaligheid in voor de Sterkste Man. Komende zaterdag organiseert hij weer een halve finale van het krachtpatsersevenement bij de DRU in Ulft.
“Dat is eigenlijk de perfecte locatie voor de Sterkste Man. Het ijzer, het harde werken dat al die arbeiders hier jaren gedaan hebben. Dat ligt ook in het DNA van de Sterkste Man”, zegt Rabelink. De fascinatie voor de sport ontstond jaren geleden bij de sportschooleigenaar. “Zelf ben ik ooit Gelders en Overijssels kampioen bankdrukken geweest. Zo heb ik kennisgemaakt met het wereldje.”
De eerste keer dat hij een Sterkste Man-wedstrijd naar de Achterhoek haalde, zat Nederland midden in de MKZ-crisis. “Dat zijn dingen die je nooit vergeet. Alle bezoekers moesten toen door een bak zuur voordat ze naar binnen gingen. Ondanks dat was het echt een succes.” Na die eerste editie sloeg de vonk in de Achterhoek direct over.
“De regio draagt het evenement echt, we hebben veel industriële bedrijven die structureel sponsoren. Ze willen geassocieerd worden met sterke mannen.” Voor sponsoren bedenkt de organisatie soms opvallende acties. “Zo werd ooit een scooter van een Doetinchems bedrijf de lucht in getild. Ook trokken deelnemers vrachtwagens en zelfs boten uit het water.”
Wereld over
Rabelink ging de hele wereld over voor de wedstrijden van de Sterkste Man namens de organisatie. “Daardoor heb ik alle landen bezocht die ik ooit wilde zien. Van Brazilië tot Rusland en van de Balkan tot Zuid-Afrika.” In dat laatste land heeft hij nog flink geluk gehad. “Ik ben overvallen in Pretoria, toen ben ik die gast achterna gerend en in een verkeerde buurt beland. Ze kwamen mij toen met een groep achterna. In mijn hotel zeiden ze dat ik geluk had dat ik nog leefde.”
Ambitie
De organisator kan al terugkijken op heel veel mooie momenten in de wereld van de krachtpatsers. Echte ambities of wensen heeft hij dan ook niet meer. “Ik hoop dit mooie evenement gewoon nog vaak te mogen organiseren, maar dat wordt wel steeds lastiger door alle gestegen kosten.” De organisatie moet de deelnemers volledig ontzorgen. “We leggen de mannen in de watten. Die gasten eten tienduizend calorieën per dag, dus je kunt je voorstellen dat dat een aardig centje kost. Nog eens een WK organiseren in de Achterhoek wordt denk ik lastig.”
Geen topsport in sportschool
Hoewel Rabelink echt leeft voor de wedstrijden, houdt hij het bewust gescheiden van zijn sportschool. “Dat is tegenwoordig zelfs een gezondheidscentrum. We focussen ons daarmee op de breedte en niet op topsport.” De uitlaatklep van de topsport vindt hij in het organiseren van de wedstrijden. “Die combinatie is heel leuk. Maar die balans moet wel goed blijven. Als ik de sportschool niet zou hebben, zou ik dit überhaupt niet kunnen doen.”
Gratis houden
Nu leeft Rabelink toe naar weer een halve finale van het NK, voor de achtste keer bij de DRU. “Ik heb zin om de jongens allemaal weer te zien. Er is tijdens de wedstrijd competitie, maar daarbuiten gaan ze goed met elkaar om.” Het evenement houdt hij bewust gratis, iets wat volgens Rabelink uniek is in het wereldje. “We moeten toegankelijk blijven voor iedereen, alles is tegenwoordig al duur genoeg. Ik geniet ervan als we veel mensen een mooie dag kunnen bezorgen in een goed sfeertje.”