Foto: REGIO8
Kijk je in de tuin en zie je het onkruid al groeien, dan ben je al snel geneigd alles om te gooien en het groen weg te halen. Maar volgens stadsboerin Ellen Willems uit Doetinchem verdient onkruid een beter imago. Daarom roept ze mensen op om meer te doen met het ‘ongewenste’ groen, in plaats van het direct weg te gooien.
“Op het land groeien natuurlijk heel veel verschillende plantjes en mensen zien dat dan al snel als onkruid. Ik vind eigenlijk: onkruid bestaat niet”, zegt stadsboerin Ellen Willems. Volgens de Doetinchemse zijn de plantjes avaak lekker, maar vooral ook vol voedzame en gezonde stoffen. “Je hebt een tuin en dan koop je planten in een tuincentrum en die zet je dan in de grond. Dat is dan de plant die er mag zijn. En de plant die spontaan opkomt, die moet er dan uit. Dat vind ik altijd wat apart.”
Willems noemt verschillende soorten ‘onkruid’ die prima in de keuken gebruikt kunnen worden. Zo wijst ze op de dovennetel, herkenbaar aan de witte of paarse bloemetjes. “De dovennetel is zo’n plantje die iedereen wel kent en in de tuin ziet opkomen”, noemt Willems op. Vooral de bloemetjes daarvan zijn populair onder onkruidliefhebbers vanwege de zoetere smaak.
Van dovennetel tot pesto
Ook look-zonder-look is volgens haar een aanrader. De plant heeft hartvormige, gekartelde bladeren en kleine witte bloemetjes en groeit momenteel volop in bossen en bermen. “Die is op dit moment veel te vinden in het bos. Hij smaakt heel lekker en de jonge blaadjes smaken vooral een beetje knoflookachtig. Die kun je bijvoorbeeld goed gebruiken voor een lekkere pesto”, legt Willems uit.
Voor kok Arne Pols is look-zonder-look zelfs favoriet. Bij de Stadboerin kookt hij regelmatig met eetbare wilde planten. “Het look groeit nu zo uitbundig bij ons en daar kunnen we eigenlijk veel kanten mee op. Het is ook een beetje de uitdaging die ik krijg als kok: van wat ga je ermee doen? Want het hoeft niet bij één gerecht te blijven. Het kunnen wel tien verschillende soorten gerechtjes worden”, aldus Pols.
Zelf aan de slag
Wie zelf aan de slag wil met eetbare planten, moet volgens Willems wel voorzichtig zijn: “Je hebt allerlei verschillende gidsjes en apps waar je op kan vinden welke planten eetbaar zijn of welke juist niet. Je leert door dat uit te zoeken ook nog eens heel veel van de natuur, wat het ook heel leuk maakt. Zo ben ik ook ooit begonnen. Het is dus ook heel verrijkend denk ik om hier mee aan de slag te gaan.”