Waar het voor veel carnavalsverenigingen tegenwoordig trekken is om voldoende leden te krijgen en behouden, gaan ze in Etten volledig tegen die trend in. Elf jaar geleden kwam een klein groepje samen om carnaval in het dorp nieuw leven in te blazen, nu viert de Deurzetters het eerste jubileum. “We lopen optochten met een groep van meer dan tweehonderd man.”
In de nieuwe residentie, de verbouwde Martinuskerk in Etten, zitten twee van de oprichters Niels Berendsen en Miranda Nijland te wachten. Strak in pak, onderscheidingen om en de steek op. Na jaren geen residentie in eigen dorp te hebben gehad, vieren ze zaterdag het jubileumfeest in de kerk. “Daarmee komt alles wel heel mooi samen”, zegt Niels Berendsen.
Het carnavalsvirus is vanuit Silvolde naar Etten overgewaaid. Berendsen: “De penningmeester van carnavalsvereniging De Metworst uit Silvolde kwam in Etten wonen.” Hij heeft een aantal Ettenaren uitgenodigd voor de Silvoldse pronkzitting. “Na een paar jaar kijken hadden we zoiets van, dit kan ook in Etten. Het is een heerlijke avond.”
Steken van zolder
Zo was het eerste idee geboren, een groepje fanatiekelingen verzamelde zich aan de bar bij café Köster om de eerste plannen te maken. Nijland:“Toen merkten we al hoeveel enthousiasme er in ieder geval bij ons was. Er werden zelfs al steken van zolder bij Köster gehaald van vroeger.” Berendsen: “Maar die waren wel echt zo muf als wat, die lagen daar al jaren.”
Etten heeft ooit een carnavalsvereniging gehad volgens beiden, de Iesselslurpers. “Maar deze bestaat al zo lang niet meer dat wij er niet mee zijn opgegroeid en wij zijn dik in de veertig”, zegt Nijland.
De Deurzetters
De harde kern deed een oproep in het lokale krantje en de tam-tam ging mond op mond snel rond. Wat bleek? Veel Ettenaren die ook niet opgegroeid waren met carnaval zagen iets in een eigen carnavalsvereniging. “Vanuit alle kanten van het dorp meldden mensen zich. Alle leeftijden ook vanuit verschillende vriendengroepen”, zegt Berendsen. De naam kwam ook al snel naar voren: “We mochten allemaal een suggestie doen, uiteindelijk is het de Deurzettters geworden, omdat wij deurgezet hebben om carnaval hier te krijgen”, zegt Berendsen.
Eerste doel: Pronkzitting
Het eerste doel van de carnavalsvereniging in wording was een eigen pronkzitting organiseren. “We hadden niks, ja die oude steken en een locatie. Voor de pronkzitting kregen we oude steken van Azewijn, zo liepen we er iets beter bij”, zegt Nijland. De Ettenaren waren in eerste instantie sceptisch, eerst maar eens de kat uit de boom kijken. “Maar de grootste sceptici, gingen uiteindelijk als laatste naar huis”, zegt Berendsen.
En die eerste pronkzitting? Berendsen: “We hadden het nog nooit gedaan, geen spectaculaire prinsenpresentatie ofzo. Sterker nog, we presteerden het binnen één minuut, om een kwartier voor te lopen op het programma.” De eerste prins was Prins Jos, die ook al een Prins was bij de Metworst. “Zo’n ervaren prins is dan wel heel fijn”, zegt Berendsen.
Verhuizen
Net na de coronajaren kwamen er een grote beer op de weg. Zaal Köster sloot de deuren, en daarmee ook de residentie van de Deurzetters. Nijland: “We zaten wel even met de handen in het haar.” Ook toen heeft de club ‘deurgezet’. “We brachten alle locaties in beeld in de buurt, en kwamen al gauw bij het Dorpshuus in Varsselder uit. De band tussen de twee dorpen is altijd al goed geweest.”
Het heeft de twee dorpen alleen maar dichter tot elkaar gebracht. “Het was een echt win-win situatie. Wij mochten gebruik maken van de zaal en het geld van de kaartverkoop houden. De drankomzet was voor hen. We mochten zelfs warme hap zelf regelen”, zegt Berendsen. Ze reageerden in Varsselder dan ook vol begrip op de verhuizing terug naar Etten. “Ze wisten dat het een noodopvang was”, zegt hij met een knipoog.
Optocht
Voor beide bestuursleden zijn de optochten waar de Deurzetters meelopen echt hoogtepunten. “Je loopt met een groep van meer dan tweehonderd man, van vriendengroepen tot gezinnen, maar allemaal uit Etten. Dat is echt mooi”, zegt Nijland. Berendsen: “We maken de drempel zo laag mogelijk om het met het hele dorp te kunnen doen. We flyeren in het dorp. Je hebt alleen een groene tuinbroek nodig en je kunt meelopen.”
Afgelopen jaren heeft de groep meegelopen in Azewijn en Silvolde, met de grote groep vol tuinbroeken waren ze een blikvanger. “Omdat de groep zo groot is, heeft Azewijn zelfs een extra tent geplaatst, anders paste het niet”, zegt Nijland. En een optocht in Etten zelf? “Nee, die komt er niet. Wanneer moet je dat organiseren? Het is goed zo met alle andere dorpen en verengingen”, aldus Berendsen.
Achterhoeks buutkampioenschap
Omdat de vereniging toch iets extra’s wilde doen, werd het Achterhoeks buutkampioenschap in het leven geroepen. “Dat is nu al heel lang een succes, een extra avondje lachen”, zegt Berendsen. Verschillende Achterhoekse buutreedners of tonpraters meten zich jaarlijks met elkaar op het kampioenschap. “Het is elk jaar uitverkocht, toch weer een evenement waarmee we ons op de kaart zetten”, zegt Nijland.
Cirkel rond
Het maakt Nijland trots. “Als je ziet hoe kneuterig we begonnen zijn en dan kijkt naar de vereniging die er nu staat, dat is mooi. De Deurzetters brengt echt verschillende mensen en groepen uit het dorp samen.”
Elf jaar nadat een groepje Ettenaren aan de bar van café Köster besloot carnaval nieuw leven in te blazen, viert de vereniging haar eerste jubileum weer in eigen dorp. Berendsen kijkt rond in de Martinuskerk en glimlacht. “We hebben misschien wel de mooiste redidentie van Nederland. Ik ben blij dat de heilige Martinus weer op ons neerkijkt.”