De Duitse regering heeft samen met de deelstaten een akkoord bereikt om de energiebelasting op brandstof opnieuw met 17 cent per liter te verlagen. Daarmee wordt tanken over de grens voor veel Achterhoekers weer aantrekkelijker. Het steunpakket dat de Duitse regering voor ogen heeft, moet uiterlijk 1 oktober worden ingevoerd en geldt in ieder geval tot het einde van dit jaar.
Het gezamenlijke akkoord moet nog door de Bondsdag worden voorgelegd. De belastingverlaging is niet de enige maatregel uit het steunpakket. Berlijn wil ook dat de olie-industrie een bijdrage levert. Het doel is om met ingang van 1 januari 2027, naar Belgisch of Luxemburgs voorbeeld, een maximumprijs voor brandstof in te voeren. Dat kan de Achterhoekse grensstreek blijvend voordeel opleveren als Nederland niet meebeweegt.
Duitsland verlaagde de belasting op brandstof al eerder, in mei en juni van dit jaar. Nederlanders staken toen de grens over om voordelig te tanken voor minder dan 2 euro per liter. Sinds het begin van de oorlog met Iran en de sluiting van de Straat van Hormuz zijn de brandstofprijzen de afgelopen maanden flink gestegen. Op dit moment verschillen de benzine- en dieselprijzen in de grensstreek niet of nauwelijks. Verder Duitsland in zijn de prijsverschillen met Nederland bij Duitse tankstations wel merkbaar.
“Onrechtmatige prijsverhogingen moeten worden tegengegaan”, zegt bondskanselier Friedrich Merz in een officiële verklaring uit Berlijn die vandaag na het gesloten akkoord van vrijdag 18 september naar buiten kwam.
Als eerste stap trekt de regering 2,5 miljard euro uit om burgers en bedrijven te ontlasten. De deelstaten dragen tot het einde van het jaar 1,25 miljard euro bij.
Tegelijkertijd wil Duitsland een prijsplafond invoeren om burgers en bedrijven verder te ontlasten. Daarnaast staat in het akkoord dat Duitsland een belasting op overwinsten gaat invoeren. Zo moeten olieconcerns gaan meebetalen en moeten lagere brandstofprijzen mogelijk blijven.