Het gaat niet goed met de rivierprik in de Oude IJssel, blijkt uit onderzoek binnen het project Swimway Oude IJssel. De miljoenen jaren oude vis heeft het moeilijk, omdat hij zijn paaigronden in Duitsland niet goed kan bereiken. Willem Romeijn van Sportvisserij Nederland geeft uitleg over het onderzoek en de oorzaken daarvan.
“We hebben gezien dat ze toch wel een beetje vastlopen bij de volgende vispassage (Sluis de Pol bij Gaanderen, VZ.). Misschien stroomt het daar iets te hard, misschien moet de passage wat aangepast worden. Maar uiteindelijk kwamen daar maar vijf van de 35 vissen voorbij”, laat Willem Romeijn van Sportvisserij Nederland weten. “Daarnaast hebben we gezien dat bij de stuwen in Duitsland, richting de paaigronden verder stroomopwaarts, niet eens vispassages aanwezig zijn. Er is dus nog wel werk aan de winkel. Maar met dit onderzoek laten we in elk geval zien dat er vissoorten zijn, zeldzame soorten zoals de rivierprik, die hier naartoe willen trekken om zich voort te planten. Dat laat ook zien hoe belangrijk die vispassages zijn. “
De stuwen in Gaanderen en Ulft blijken volgens het onderzoek de grootste obstakels te zijn voor de vis. Volgens Romeijn is het extra zuur dat de rivierprik na de vispassage in Doesburg niet verder de Oude IJssel in komt. “Die route van de rivierprik is hartstikke lang. Ze komen vanuit zee, via het IJsselmeer, het Ketelmeer en de IJssel helemaal deze kant op. Vervolgens komen ze hier aan bij de stuw, die ze natuurlijk eerst moeten zien te vinden”, zegt Romeijn, die uitlegt dat de rivierprikken vast komen te zitten bij de sluizen bij Gaanderen en Ulft.
“Het is zonde als ze die hele route hebben afgelegd en vervolgens de laatste kilometers richting het paaigebied in Duitsland niet kunnen afmaken. Juist omdat ze al zoveel moeite hebben gedaan om hier te komen, moeten wij die moeite ook doen, zodat ze het wel kunnen redden.”
Andere vissen
In het onderzoek is veel gekeken naar de rivierprik, omdat deze soort ook veel informatie geeft over andere vissoorten. De vis is namelijk niet een hele goede zwemmer, en wil nog wel eens moeite hebben met vispassages. “Als je weet dat een rivierprik voorbij zo’n vispassage kan komen, dan weet je ook dat veel andere soorten, die betere zwemmers zijn, dat ook kunnen. Daarom is het een hele goede soort om te onderzoeken zodat je echt weet hoe die passages functioneren”, zegt Romeijn.
Oplossing
Hoe de problemen bij de sluizen in Gaanderen en Ulft kunnen worden opgelost, is nog niet duidelijk. “We hebben wel de indruk dat de stroomsnelheid in die vispassage misschien iets te hoog is. Er ligt in Ulft een mooie bypass, een soort beek die om de stuw heen loopt”, zegt Romeijn. “Alleen in het eerste stuk liggen onder water een aantal traptreden. Het zou kunnen dat de rivierprikken daar niet voorbij komen, omdat het water er te hard stroomt. Dat zou betekenen dat er aanpassingen aan de stuw nodig zijn. Maar hoe dat precies zit, weten we nog niet. Zo ver zijn we nog niet.”