Ooit was het de plek waar biggen verhandeld werden. Tegenwoordig staat de Markthal Didam vooral bekend als overdekte bazaar. Aanstaande vrijdag viert de markthal, de laatste overdekte in Nederland die nog wekelijks dienst doet, haar 75-jarig jubileum.
Voorzitter Frenk Polman (62) en marktmeester Gerard Jansen (69) stralen bij het vooruitzien naar de jubileummarkt op Goede Vrijdag. De Didamse hal bestaat dan 75 jaar, maar in 1939 ontstonden de eerste plannen al. De grond werd aangekocht, pas in 1951 werd de markthal in leven geroepen, gedurende de wederopbouw. Vooral biggen werden aanvankelijk verhandeld, gevolgd door eenden, ganzen en kalveren.
“De laatste dertig jaar mag ik hier marktmeester zijn’’, vertelt Gerard Jansen. “De vader van mijn vrouw was mijn voorganger, via hem ben ik er heel langzaam ingerold. “Je kunt elke week naar deze markt toe’’, verwijst de marktmeester naar het unieke aspect van de grote schuur aan de Kerkstraat.
Meer dan een markt
“De markt op vrijdag gaat altijd door’’, vertelt Jansen. “Maar het is meer dan een markt. In de hal worden auto’s gestald en vinden muziekevenementen plaats, maar ook Koningsdag en Sinterklaas. Andere evenementen kunnen vrijdag vanaf 19.30 uur in de hal. Dan moeten ze er donderdag uit.’’ Frenk Polman vult hem aan: “Een gigantische happening was het optreden van Normaal in 1987. Dat is het mooiste wat de hal gehad heeft, wat ik me kan herinneren.’’
“Het is een heel sociale plek’’, vervolgt voorzitter Frenk Polman. “Hier vinden vlooienmarkten plaats, maar ook de start van de avondvierdaagse, Koningsdag en allerlei andere evenementen.’’ Hij wijst op de koffiehoek die al een paar jaar een vaste waarde is in de linkervleugel van de hal.
Bakkerij ’t Stoepje kan de meeste vrijdagen in Didam bijvoorbeeld rekenen op 700 tot 800 betalingen. De hal omvat nu 21 kramen. Dat waren er tientallen meer, maar daar lijkt niemand om te treuren. Bewoners van Didam komen via verschillende ingangen naar de weekmarkt, waar brood, groente, kleding en specialiteiten samenkomen. Zelfs buiten staan kramen, voor vis en loempia’s.
Onderhoud door vrijwilligers
Het onderhoud van het bijna 75 jaar oude pand wordt grotendeels door vrijwilligers gedaan. In 2010 werden bijvoorbeeld LED-verlichting en zonnepanelen gerealiseerd. De marktvereniging bestaat uit zo’n zestig leden. “Het onderhoud van zo’n pand kost nog wel een paar centen’’, gaat Gerard Jansen verder. “Daar moet je geld voor reserveren.’’
“Onze weekmarkt is zeker toekomstbestendig’’, ziet voorzitter Polman. “Mensen gaan hier met volle tassen weg. Ik hoop dat de jeugd ook onze markt vindt in de toekomst.’’ Jansen: “Wij moeten gewoon doorgaan zoals we nu aan de gang zijn. Die honderd jaar halen wij wel. Zeker met het enthousiaste team dat nu aan het bewind staat.’’