Tweede Kamerleden en vertegenwoordigers van Horeca en Retail Nederland lopen langs leegstaande winkelpanden in Eibergen.
Foto: REGIO8Het is een noodkreet van Peter Stoverink, voorzitter van de Eibergse centrumondernemers, en wethouder Han Boer van Berkelland. Tijdens een bezoek van Tweede Kamerleden aan het centrum van Eibergen waarschuwen zij voor de gevolgen van grenswinkelen. “Ambachtelijke winkels en de kleine lokale middenstand kwijnen weg. Dat gebeurt niet alleen in Eibergen, maar ook in plaatsen als Neede en Groenlo. Het speelt langs de hele grens. Help ons, we moeten hier samen iets aan doen.”
Volgens Stoverink wordt de leegstand niet alleen veroorzaakt door internetwinkelen. “Daar heeft ieder dorp en iedere stad last van. Wat wij hier bovenop krijgen, zijn hogere accijnzen, belastingverschillen en regeldruk. Die zorgen voor grote prijsverschillen met Duitsland en jagen mensen de grens over.”
Het centrum van Eibergen werd in 2021 nog volledig opgeknapt. “Maar de accijnzen en hoge btw-tarieven zijn als een hand zand in een draaiende motor”, zegt Boer. “Consumenten kunnen gemakkelijk uitwijken naar Duitsland en nemen daar meteen andere boodschappen mee. Een winkel die hier verdwijnt, komt niet zomaar terug.”
Volgens de wethouder zijn juist zelfstandige ondernemers belangrijk voor de leefbaarheid. “Zij dragen bij aan verenigingen en aan het leven in een dorp. Als zij verdwijnen, blijven vooral de grote landelijke ketens over.”
MKB-onderzoek 72 procent van de inwoners winkelt in Duitsland
Vooral sigaretten, bier, sterke drank, frisdrank en verzorgingsproducten zijn in Duitsland goedkoper. “Dat zorgt voor een stapeling van problemen”, zegt Stoverink. “Een centrum dat niet meer bruist, trekt geen nieuwe ondernemers en inwoners. De leegstand valt zo niet meer op te lossen.”
Volgens Marijke Vuik, voorzitter van MKB-Nederland, beperkt het probleem zich allang niet meer tot de directe grensgemeenten. “Tot vijftig kilometer van de grens kan het lonen om in Duitsland te tanken en boodschappen te doen.” Uit onderzoek van MKB-Nederland en VNO-NCW blijkt dat 72 procent van de inwoners van grensgemeenten minstens één keer per maand in Duitsland inkopen doet.
Tijdens het bezoek aan Eibergen waren onder meer Koninklijke Horeca Nederland, HISWA-RECRON, Inretail, Nederlandse Brouwers, supermarkten en Rabobank aanwezig. Zij lieten zien welke gevolgen het grenswinkelen heeft. “Den Haag zit aan de knoppen”, aldus Stoverink. “Verhoog de accijnzen in ieder geval niet opnieuw, zoals het kabinet per 1 januari 2027 van plan is. We moeten voorkomen dat de prijsverschillen met onze buurlanden nog groter worden.”
Niet minder klanten, wel minder in hun winkelwagens
Ook Annie Harmsen van Plus Koenders merkt het effect. “We hebben niet minder klanten, wel zijn hun winkelwagens minder vol. Bepaalde productgroepen zoals verzorgingsartikel en dranken, worden hier nauwelijks nog gekocht.” Onderzoeksbureau Panteia becijferde voor MKB-Nederland dat retailondernemers in de grensregio tien tot vijftien procent omzet kunnen mislopen. De drankenhandel en drogisterijen merken de omzetdaling het meest.
D66-Kamerlid Jan Schoonis bekeek de leegstand in Eibergen. “Met hogere accijnzen willen we mensen bewustmaken van de gezondheidsrisico’s van tabak en alcohol. Maar de stapeling van verhogingen veroorzaakt ook problemen in de grensregio. Een gelijk speelveld maak ik zeker bespreekbaar in Den Haag.”
De delegatie vertrok daarna naar attractiepark Bommelwereld in Groenlo. Daar werd het MKB-rapport officieel aangeboden aan de landelijke politiek. Eigenaar Edwin Bomers waarschuwde er ook voor de gevolgen van de hogere btw op overnachtingen. “Duitsers boeken daardoor minder reizen met een verblijf in Nederland.”
Voor Peter Stoverink en Han Boer geldt dat de problemen lokaal niet meer zijn op te lossen. Het is Den Haag die aan de knoppen kan draaien voor een gunstiger economisch klimaat in de grensstreek.