“Schrijven is schrappen”, haalt Kämink het aloude cliché boven als hem gevraagd wordt hoe hij veertig jaar trekken door de natuur verwerkte tot een boek. “Ik heb schriften vol geschreven. En als je vijftien bent, dan schrijf je anders van wanneer je 57 bent, dan ga je dingen anders bekijken, anders formuleren.” Kämink had een goede reden om zijn verhalen op te schrijven. “Ik heb het willen bewaren voor mijn kinderen. Er zijn zoveel dingen op het platteland die veranderen. Die veranderingen heb ik deels vastgelegd.”
Het boek kent diverse verhalen. “De leidraad door het hele boek is eigenlijk een stukje natuur. Ik ga op jacht, ik ga graag vissen, mollenvangen. Mijn zakgeld verdiende ik in de natuur.” Kämink ving mollen in opdracht. “De veeboeren hadden overlast van de dieren in hun grasland en zand hoorde niet in het voer thuis. Tegen vergoeding ging ik dan mollenvangen.” Daarnaast verkocht hij Kievitseieren, dat was toen nog niet verboden omdat er nog voldoende waren. “Als je de eerste Kievitseieren afleverde, dat was de tweede of de derde week van maart, dan brachten ze 2,50 in guldens op.”
Foto: REGIO8