Een fris Beltrum was donderdagmiddag gastdorp van de tijdrit in de vijfdaagse Olympia’s Tour. De wedstrijd is extra speciaal voor drie wielrenners en twee ploegleiders. Zij schitteren in de oudste etappekoers van ons land in hun eigen streek.
Jelle Schieven is de jongste van de vijf Achterhoekers. De 20-jarige wielrenner fietst zijn eerste Olympia’s Tour, waarin veel nationale (sub)toppers zich aan elkaar meten, negen kilometer van zijn woonplaats Zieuwent. Schieven komt uit voor de Aaltense talentenploeg Sensa Kanjers Voor Kanjers. ’’Het is altijd mooi om in de buurt te rijden’’, vertelt hij net voor zijn verkenningsrondje. ’’En dat in een groot en sterk deelnemersveld. Mijn moeder is verzorger bij deze ploeg. Ook komt familie uit Beltrum aanmoedigen.’’
Net als vorig jaar vindt de tijdrit binnen Olympia’s Tour plaats in Beltrum, waar veel bewoners niet echt door lijken te hebben dat ruim tweehonderd wielrenners rond hun dorp gaan racen. Schieven kent het parcours als zijn broekzak. Een vlak parcours van een krappe elf kilometer met veel lange wegen. ’’Ik heb het rondje tien of vijftien keer gefietst de laatste paar maanden. Dat is voor mij wel een voordeel.’’
Aanwijzingen krijgt hij voor, tijdens en na de wedstrijd van zijn ploegleider Bobby Mellendijk. De Groenloër zag donderdagochtend, bij het binnenrijden van het centrum van Beltrum, al bekende gezichten. ’’Wat familie woont en her en der in het buitengebied. Die komen allemaal kijken. Indirect gaan zij mij ook aanmoedigen’’, vertelt Mellendijk lachend. ’’Dit leeft wel voor ons. Als opleidingsploeg is dit een bizar hoog niveau. Soms val je in het diepe, maar we willen onze renners wel naar dit niveau brengen.’’
Hectischer als ploegleider
In Olympia’s Tour is nóg een Achterhoekse ploegleider actief: Rens te Stroet. De voormalig wielrenner uit Keijenborg beleeft donderdag als enige binnen zijn ploeg Metec-Solarwatt een thuiswedstrijd. ’’Toen ik nog actief was als renner reed ik ook deze Olympia’s Tour, maar ook de Ronde van de Achterhoek.’’ Voor een ploegleider zijn veel wedstrijddagen een stuk hectischer, weet Te Stroet. ’’Je checkt al het materiaal, alles moet honderd procent in orde zijn. Als wielrenner hoef je je alleen maar op de wedstrijd te focussen.’’ Te Stroet, die zijn wagen op een parkeerstrook naast het Beltrumse voetbalveld heeft geplaatst, kijkt nog eens naar de ploegbus. Zijn renners schuilen voor de regen en bereiden zich mentaal voor. ’’Alle renners en begeleiders moeten de juiste dingen doen. Dat is mijn taak.’’
Vaste supportersclub
Ook voor Joris Reinderink, die met plaats 34 beste Achterhoeker in de tijdrit blijkt, is het donderdagmiddag ’’koersen in de achtertuin’’. De 22-jarige wielrenner uit Ruurlo verwacht veel van zichzelf. ’’Al ligt het parcours er verraderlijk glad bij'', zag Reinderink, rijdend voor Giant Store Assen CT - NWVG. ''Mijn ouders en opa staan langs de kant. Dat is mijn vaste supportersclub. In trainingen rijd ik meestal richting de Posbank. Ik rijd niet zo vaak in dit deel van Berkelland. Maar de afgelopen weken ben ik wel vaker rondom Beltrum geweest, om te verkennen.’’
Zijn trainingsgenoot Marvin Peters is de derde Achterhoekse wielrenner in Olympia’s Tour. Hij komt uit Wehl en dacht dat Beltrum ’’wel vlakbij was’’ toen hij laatst even het parcours wilde zien. ’’Het was toch nog 38 kilometer’’, blikt de 21-jarige Peters terug op die trainingsrit. ’’Toen ben ik bij mijn vriendin in Doetinchem gaan slapen.’’ Peters reed vorig jaar ook in Beltrum de tijdrit. ’’Toen waren veel kinderen van de basisschool aan het aanmoedigen. Daar krijg je wel wat van mee. Maar goede tijdrijders zitten echt in een bubbel. Tijdrijden is niet echt mijn ding'', aldus de renner van EEW-VDK.
School, trainen, slapen
De jonge renners zoeken ieder naar hun eigen balans tussen sport en andere zaken. Marvin Peters zit bij een continentaal team en kan rekenen op een salaris. Jelle Schieven en Joris Reinderink hopen die stap nog te maken. Schieven doet de mbo-opleiding ICT en loopt stage in Eibergen bij defensie. ‘’Trainen en stage. Dat is het wel zo’n beetje op dit moment. Nu het langer licht is, is trainen een stuk makkelijker.’’ Reinderink is nog bezig met zijn havo-opleiding. De afgelopen vier jaar lag zijn focus vooral op het wielrennen. ’’School heb ik een beetje laten varen. Vanuit huis leer ik. Dat is prima te combineren met fietsen. Het doel is nog steeds prof worden.’’