De explosieven werden gevonden in een bos bij Megchelen door mensen met een metaaldetector. Na het inseinen van de autoriteiten, kwam onder meer de Explosieven Opruimingsdienst ter plaatse. Zij hebben de onontplofte explosieven veiliggesteld en meegenomen naar het buitengebied van Varsseveld. Het ging onder meer om vier fragmentatiebommen, twee mortiergranaten en een scherfhandgranaat.
In het buitengebied van Varsseveld, aan de Villekesdijk in natuurgebied De Vennebulten, zijn de explosieven weer uitgeladen. Vervolgens zijn ze door medewerkers van de Explosieven Oprumingsdienst tot ontploffing gebracht, wat zorgde voor een flinke knal.