Vader en zoon Ben en Thomas Hiddinga uit Heelweg doen samen mee aan Alpe d’HuZes. Met duizenden anderen beklimmen zij de beroemde Franse berg om geld op te halen voor kankeronderzoek. Voor Ben is de deelname extra bijzonder: vorig jaar kreeg hij te horen dat hij ongeneeslijke kanker heeft. Dankzij een succesvolle behandeling kan hij nu samen met zijn zoon de uitdaging aangaan.
Ben, hoe gaat het eigenlijk met je? Je bent natuurlijk vanwege ziekte al eerder gestopt als wethouder in Oude IJsselstreek.
Ben: “Vorig jaar is bij mij kanker geconstateerd. Het ging om uitgezaaid melanoom en ook uitgezaaide prostaatkanker. Toen is gezegd dat het eigenlijk ongeneeslijk is en niet te opereren. Als het niet te behandelen is, dan is dat in feite een doodvonnis. Daarna zijn er allerlei behandeltrajecten gestart. Uiteindelijk is immunotherapie bij mij toegepast en dat heeft heel goed aangeslagen. De tumoren slinken en dat ziet er op dit moment echt goed uit.”
“Er wordt nog geen prognose gedaan van ‘je hebt nog vijf of tien jaar’ Daar doet het ziekenhuis geen uitspraken over. Maar ik voel me goed en kan alles aan. Ik weet niet hoe lang het goed blijft gaan, maar zolang het kan, ga ik samen met Thomas die berg op. Dat heb ik vorig jaar beloofd, en dat doe ik.”
Thomas, jij hebt het al eens gedaan. Hoe is het om dit nu met je vader te doen?
Thomas: “Heel bijzonder. Vorig jaar, in de aanloop naar het evenement, kwamen we erachter dat hij ziek was. Toen had ik nooit kunnen bedenken dat we nu samen die berg op zouden gaan. Een week na de prognose lag hij in het ziekenhuis en ging het heel slecht. Hij was veel afgevallen en het zag er echt niet goed uit. Dus ik had me toen niet kunnen voorstellen dat we nu samen die 14 kilometer zouden lopen.”
Wat maakt het extra bijzonder dat jullie dit nu samen kunnen doen?
Ben: “Nou, misschien vooral het besef dat het vorig jaar echt een dubbeltje op z’n kant was. Je leeft dan met heel andere gedachten. We hebben gesprekken gehad over palliatieve zorg en alles wat daarbij komt kijken. Je gedachten staan op een totaal ander spoor. En als het dan gaandeweg het jaar ineens kantelt en het ernaar uitziet dat het nog goed kan gaan, dan is het bijzonder dat je dit samen met je zoon kunt doen. Dat had ik een jaar geleden echt niet durven dromen.”
“Daarnaast ga je ook anders naar het leven kijken. Je gaat het meer waarderen en gunt anderen ook een goed leven. Dat is ook een drijfveer om dit te doen. Omdat je iedereen hetzelfde geluk gunt dat ik nu heb met de immunotherapie.”
Zelfs het KWF is opgevallen wat jullie doen en wil daar aandacht aan schenken. Hoe zit dat straks op die berg?
Ben: “Om het half uur is er een interview bij de finish met iemand die iets te vertellen heeft. Dit jaar is er ook aandacht voor immunotherapie, hoe goed dat werkt. Daarvoor hebben ze een ervaringsverhaal nodig, maar ook een medisch deskundige van het KWF. Die twee worden samen geïnterviewd: een arts-onderzoeker en ik als ervaringsdeskundige. Ik hoop dat veel mensen dat gaan zien en er hoop uit halen. Bewustwording is belangrijk.”
Je doet het uiteindelijk om geld op te halen, jullie teller staat best wel hoog.
Ben: “Ja, voor een team van twee man wel ja.”
Thomas: “We zitten nu ruim boven de 30.000 euro. Het is een bizar bedrag, dat we van tevoren niet hadden verwacht. Maar het is eigenlijk heel natuurlijk gegaan.”
Geen grote autowasacties of bingo’s?
Thomas: “Nee, vooral ons eigen verhaal vertellen. Pa is veel op pad geweest en heeft veel gesprekken gevoerd met mensen die hij kent. En je merkt dat wanneer mensen je verhaal horen, ze ook eerder geneigd zijn om te doneren.”
Ben: “We hebben een aantal flinke bedragen binnengehaald, maar ook een hoop kleine. Elke euro helpt om onderzoek verder te brengen en betere behandelingen te ontwikkelen. En het mooie is dat bijna iedereen wel iemand kent die met kanker te maken heeft gehad. Dat merk je in al die gesprekken.”
Gaan we even naar de berg zelf: hebben jullie een doel en hoe hebben jullie getraind?
Thomas: “Ik wist een beetje wat er kwam, dus ik heb geprobeerd mijn vader zo goed mogelijk voor te bereiden. Je kunt je alleen in Nederland niet echt voorbereiden op 14 kilometer klimmen. We hebben zoveel mogelijk lange wandelingen gedaan met hoogtemeters, maar dat blijft anders.”
Ben: “We kunnen inmiddels gewoon praten tijdens het lopen. Dat lukte laatst ook, dus dat komt goed.”
Thomas: “Maar dat is alleen het fysieke deel. Het emotionele deel kun je niet trainen.”
Maar dat emotionele gedeelte kun je niet voorbereiden?
Thomas: “Dat is iets wat je moet ervaren. Je kunt je wel een voorstelling maken, maar pas daar ter plekke begrijp je wat het echt met je doet.”
Ben: “Ik denk dat ik daar zelf ook nog wel een rol in ga spelen, want ik ben emotioneel ingesteld. Want als ik het heb over mijn kinderen of over Mireille, mijn vrouw, dan word ik al heel gauw heel erg emotioneel. Iedereen daar heeft iets met kanker, direct of indirect. Iedereen loopt bijvoorbeeld voor een opa, oma of ouders. Hoe dichter je bij de top komt, hoe emotioneler het wordt. Dat voel je gewoon.”
Ben, voor wie loop jij dan de berg op?
“Ik loop voor iedereen die vroeg of laat te maken gaat krijgen met kanker. Ik weet niet wie dat zijn. Maar ik weet wel wat het is om het te hebben en dat is echt gewoon vreselijk. Ik wil dat niemand dat meegaat maken. Dus ik loop voor de kankerpatiënten van nu en de kankerpatiënten van straks.”
Alpe d'HuZes vindt donderdag plaats.