Nog iets meer dan een maand en dan komt het EK veldrijden naar de Achterhoek. In het weekend van 7 en 8 november draait alles in Zeddam en omgeving om het wielerevenement. De laatste werkzaamheden aan het parcours zijn nog in volle gang, maar de eerste voorbereidingen begonnen al jaren geleden.
“De eerste contacten dateren van 2022-2023 en de KNWU heeft zich medio 2024 bij ons gemeld”, aldus Pascal Kamperman, directeur-bestuurder van Achterhoek in Beweging en een van de kartrekkers. “Toen hebben we in december 2024 intentieverklaring getekend en toen zijn we begonnen met de eerste voorbereidingen.”
Een van de grote uitdagingen in die voorbereiding was het vernieuwen van de iconische trap, de eyecatcher van het parcours. “Ik heb het afgelopen half jaar heel veel geleerd over ecologisch onderzoek, omgevingsvergunning, techniek, de materialen en dergelijke, maar het is wel gelukt”, laat Kamperman weten.
Honderd treden
Maar liefst honderd treden moeten de deelnemers meerdere keren beklimmen om vanuit Het Zandgat weer boven te komen bij de korenmolen. De nieuwbouw werd donderdagochtend afgetrapt door burgemeester Anne-Marie Fellinger en gedeputeerde Helga Witjes die beiden symbolisch een klap op een paal gaven
Puck Langenbarg uit Ruurlo was ook aanwezig bij de officiële aftrap. De Achterhoekse wordt gezien als een van de kanshebbers voor de Europese titel bij de beloften. “Ik hoop uiteindelijk een mooie wedstrijd neer te zetten. Het is natuurlijk altijd even afwachten wie er aan de start staat”, aldus de 20-jarige.
Van Belgisch niveau
België is de bakermat van het veldrijden en het is een van de populairste sporten van onze zuiderburen. Langenbarg is blij dat zo'n grote wedstrijd als het EK nu neerdaalt in haar regio en hoopt dat er een visitekaartje wordt afgegeven.
“Hier ligt straks gewoon een volwaardig veldrijdparcous, dan zie je niet veel verschil met de crossen in België”, zegt de Achterhoekse. “Ik denk dat sommigen wel zullen opkijken dat het hier ook kan.”
Station Ruurlo als voorbereiding
Het is hét onderwerp van gesprek rondom het EK: de trap. De Ruurlose kent zo haar eigen voorbereiding: “Bij ons in het dorp zit het station. En over het treinstation heen zit een trap van veertig treden ongeveer, dus daar ga ik af en toe op en neer.”